Nieuws:

Heb je problemen met het forum? Contacteer Shaddow, redeast of yasu.

Hoofdmenu

Een nieuw verhaal

Gestart door Hephaistion, 24 juni 2008, 20:11:41

Vorige topic - Volgende topic

Hephaistion

Het begin van mijn verhaal
Een 40jaar oude foto brengt de 60 jarige Airene terug in het verleden. Ze verteld haar dochter Alisia een verhaal over onmogelijke liefde waar Airene zelf, als 20 jarige jonge vrouw, de hoofdpersoon in speelt.

'Mam, kijk eens wat ik heb gevonden.' Een dik boek gleed langs een paar rimpelige vingers. een zestigjarige vrouw pakte het stoffige oude boek, waarvan de kaft was gemaakt van hout, vast met haar lange vingers en lachte even toen het hout het goud om haar vingers streelden. 'Het fotoboek van 1968:' zei Airene met haar nog altijd heldere stem. Airene streelde de gravure van het boek met haar roodgelakte nagels, terwijl haar dochter wat zat te frunniken aan haar moeders roodbruin geverfde lichtkrullende lange haren. 'Lekker geslapen:' vroeg Alisia en ze keek haar moeder aan met haar grote ogen. Airene lachte. 'Wat heb je toch prachtige ogen:' zei ze en ze zuchtte vredig.
'Jouw ogen mam:' lachte de dertigjarige Alisia en ze liep naar de keuken. Naast de mooie lange eetkamer, met zijn al even mooie en lange zwart geverfde houten tafel gesetteld in een lichte Engelse stijl, stond de keuken. De eveneens in lichte kleuren hangende keuken was vrij groot en in de linkerhoek bevond zich een dubbele deur naar de tuin. Alisia zette het koffiezet apparaat aan en staarde naar de fontein die het trotse middelpunt van het terras was geworden na de renovering van de tuin, tezamen met andere delen van de vijfendertig kamerige villa, in 1980.Nu, 28 jaar later, bewoond een nieuwe telg van de familie Athos de oud Engelse klifwoning gelegen aan de zeeën van Wales. Ailene trouwde met de kleinzoon en zoon van een bankier op haar dertigste en na 25 jaar huwelijk was Jason overleden aan de gevolgen van longkanker. 'Hij wou geen chemotherapie of andere vermoeiende behandelingen. Hij wou zijn haar niet kwijt zei hij altijd, maar ik wist we beter. Hij was moe van het leven en niet bang voor de dood:' had Ailene eens tegen Alisia gezegd toen ze vroeg hoe haar vader was gestorven.  Airene herinnerde zich toen weer dat ze aan zijn bed nog een belofte had gedaan. Vlak voor Jason stierf had ze hem beloofd dat ze nooit meer een ander zou nemen en nu bijna 5 jaar later was ze nog steeds trouwe gebleven aan die belofte.
'Koffie mam:' hoorde Airene achter haar. Alisia zette twee kopjes op het zilveren dienblad, dat op een salontafel voor Airene stond, en schonk de koffie in. Airene's grote helder blauwe ogen gleden over de twee enorme witte banken, het kleine tafeltje met  de grote vaas die Airene eens had gekregen van een tante als huwelijkscadeau, de wittel lelies en rode rozen die stonden te stralen in de vroege ochtendzon in hun langwerpige dunne vazen aan de rand van de vensterbank én natuurlijk het piepkleine fotootje van Jason die in een zilverkleurig fotolijstje zat bovenop de roodmarmeren schouw met een groot wit bruin tapijt voor zich op de donkerhouten vloer.
'Geef me dat fotoboek eens:' zei Ailene vrolijk en ze reikte haar armen al uit.

Hephaistion

Boem!' Een geluid ergens achterin de keuken onderbrak het gesprek. 'Rex:' riep Alisia kwaad en een dikke golden retriever kwam aangesjokt. De hond keek zijn baasje bijna smekend aan, alsof hij ieder moment naar de slachtbank zou gaan, met zijn grote bruine hondenogen. Airene zuchtte en begon te lachen. 'Ach glazen zat:' zei ze en ze wendde haar blik weer naar het fotoboek dat op de salontafel lag te rusten. Ze bond haar lange vingers om het dikke boek heen en voelde het hout tegen haar huid, terwijl ze het boek opensloeg. Op de eerste bladzijde was met een sierlijke letter, die Airene's moeder eens had geschreven, het jaartal opgeschreven. '1968, de herinnering:' zuchtte Airene en ze keek naar de foto onder het jaartal. Airene's moeder, vader, broer en zus stonden samen met haar een gemaakte lach weer te geven. Een schim van de werkelijkheid zoals Airene het vaak had genoemd, daar haar familie helemaal niet zo perfect was als dat het deed vermoeden aan de buitenwereld. Als eerste in de onderste rij van drie stond Airene zelf. Haar rood/bruine lange haardoos zat netjes achter haar schouders gekamd. Alleen twee speelse krullen verschuilden haar blanke gezicht. Met één ruk was ze een uur voor de foto in haar jurk gebonden en werd haar zilveren collier omgedaan. Met kleine stappen, de hakken waren tien centimeter hoog, was ze vervolgens rustig naar de bloemenkamer gelopen waar het schouwspel plaats zou gaan vinden. Naast Airene stond haar oudere broer Aramis, toen der tijd tweeëntwintig,  zijn tanden bloot te lachen naar de camera. Ook al had hij het nooit toe gegeven, altijd had Airene gedacht dat hij meer naar de fotograaf dan de camera stond te lachen. Aramis was altijd zo attent en behulpzaam en in zijn jeugd had hij nooit meer dan één vriendinnetje gehad ook al was hij een aantrekkelijke jongeman wat Airene vaak aan had moeten horen van haar vriendinnen. Ze lachte dan altijd:'ik denk niet dat hij veel interesse zal hebben.' Naast Aramis stond Selene, Airene's oudere zus. Zij was op het moment van de foto eenentwintig jaar en was dus één jaar ouder dan Airene. Selene had zwart haar in een 'bob-stijl' en kwam soms nogal donker over. De vreemde eend in het perfecte bad noemde mensen haar wel eens, omdat Selene helemaal niet hield van al die pracht en praal en het liefste wou reizen ver weg van haar familie als het aan haar lag. Die droom is er nooit van gekomen en met tegenzin had ze haar studie klassieke geschiedenis afgerond in 1969 waarna ze hoge school lerares was geworden. Aramis werd uiteindelijk kinderrechter en Airene zelf had het conservatorium gedaan en was het nachtegaaltje van de familie geworden, 'daar zij zo mooi is en zo mooi zingt:' zeiden de hoge vrienden tegen Airene's trotse ouders. Boven de kinderen stonden de ouders. 'Als hogere:' zei Selene dan spottend tegen haar met een grote glimlach op haar gezicht. Links stond Sophie statig te lachen met haar parelmoer om de hals en naast haar stond Gerald de vaderfiguur uit te hangen.
Airene wendde haar bleek weer van de foto af en bedacht toen wat een eigenaardige familie ze eigenlijk had. Ieder van hun had iets bijzonders en geen van hun was een lang leven gegund. Aramis stierf op zijn drieëndertigste na een vreemde vechtpartij, wat door de familie verbloemd werd tot heroïsche sterfte. 'Hij beschermde een jonge vrouw en daaruit is hij niet ontwaakt:' had Sophie volgehouden wetend dat hij vermoord was vanwege zijn voorkeuren. Ook Sophie zelf had geen geluk. Op haar vierenvijftigste  kreeg ze longkanker wat ze, na een ziektebed van drie jaar, niet had overleeft en Airene's vader Gerald stierf aan een hardaanval een jaar later. Zwijgend hadden Selene en haar zusje elkaar toen aangekeken, wetend dat één van hun de volgende zou kunnen zijn. De vloek van de familie werd het al genoemd en helaas bleek dit steeds meer te kloppen toen een jaar later Selene zelfmoord pleegde. 'Niet wil ik van jou zijn:' had er op een klein briefje naast het bebloede mes, wat uit het hart van Selene was gehaald, gestaan. 'Gek geworden:' werd er Airene verteld en zo was ze dus als enigste lid overgebleven van de rijke en statige familie.

Hephaistion

'Gek is dat hé. Dat datgene wat je het meest haat, altijd op je pad komt. Alsof je leven niet kan geschieden zonder dat je minstens één keer gevangen bent in een web van haat en afkeer:' zei Airene na een eerste blik op de volgende foto een paar bladzijdes verderop tegen Alisia. 'Deze foto is genomen in januari, twee maanden na het familieportret. Het is de dag waar ik voor het eerst pas echt merkte hoe assertief mijn familie was in het onderhouden van hun goede naam. Ik weet nog goed dat ik net de trap afliep, mijn haren nog helemaal door de war en alleen mijn witte nachtjapon aan, met die lange dunne zijden mantel eraan. Aramis keek me aan en lachte met zijn grote witte tanden en Selene was bezig warme chocolademelk te maken omdat ik daar zoveel van hield.'  Airene begon te lachen toen Alisia haar bijna smekend aankeek. 'Nog steeds mam:' zei ze vrolijk en ze rende al naar de keuken toe terwijl Airene eens goed keek naar de foto van zichzelf met haar slonzige haren en verschrikte blik toen ze de flits zag. Alisia kwam weer aangelopen en zei dat het over een paar minuten wel warm genoeg zou zijn. 'Ga verder:' zeurde Alisia en ze luisterde aandachtig verder.
'Ik keek beide vreemd aan en zei toen kinderlijk ':wat is er, iemand overleden.' Het volgende moment voelde ik de flits van een camera in mijn ogen branden en kwamen mijn ouders vrolijk naar me toe.'
'Opa en oma? Wat wouden ze:' vroeg Alisia opdringerig. Airene's lach verdween.
'Ze vertelden me dat ik naar Wenen toe moest. Naar een kostschool. Ik weet nog dat ik ze toen vragend aan keek. Ik kreeg geen antwoord en vervolgde mijn blik naar Aramis en Selene, maar beiden zwegen. Moeder vertelde dat we eerst naar Venetië zouden gaan voordat ik weg moest, hopend dat ik daardoor niet zou denken aan het feit dat ze me lieten opsluiten in een school ver weg van Engeland. Niets anders zou ik zien dan de muren van de school gesetteld in een vroeger kasteel en de tuinen met zijn levenloze beelden en ornamenten. Bij de gedachte alleen al moest ik vluchten. Zonder ook maar één woord te zeggen ben ik toen naar boven gegaan en heb daar een uur lopen huilen met mijn kussen in de hand als mijn beste vriend en enigste kameraad. Mijn vader kwam later naar boven maar niets wat ik zei kon hem van gedachten veranderen.'
Airene lachte sarcastisch. 'Ik weet nog dat ik mijn handen, gevuist en stijf, tegen zijn borst heb geslagen, terwijl hij me vast hield. Hij pakte mijn handen vast, hopend dat ik daardoor zou kalmeren en met een hatelijke blik heb ik hem toen weg geschreeuwd.'
'Ga weg, ga weg:' fluisterde Airene in gedachten en ze keek op naar Alisia.
Stilte scheen haar antwoord te zijn, daar ze niets zei.
'Maar je bent wel op die school afgestudeerd:' zei Alisia toen, de stilte onderbrekend. 'Op de Wienische Akademie für Kunst und Art afgekort de WAKA. Een prachtige school en heb er ook goede herinneringen aan, ook al had ik er in het begin zo'n hekel aan de school en wou ik er absoluut niet heen. De eerste dagen waren vreselijk maar langzaamaan maakte ik vrienden en werd mijn nachtmerrie toch steeds meer een droom, ook al miste ik mijn vrijheid en waren de gebeurtenissen van de twee weken ervoor nog zo vers in mijn hoofd.' Opnieuw viel er een stilte en aan de blik in haar moeders ogen merkte Alisia op dat ze haar moeder moest afleiden. Ze stond op en liep naar de keuken. 'De chocomelk zal wel klaar zijn:' schreeuwde ze door de gang heen op weg naar de keuken. Airene keek naar buiten en Alisia kwam weer terug gelopen met de twee bekers chocomelk en een kan in haar hand. Ze keek haar moeder aan met precies diezelfde verschrikte blik als Airene op de foto. 'Wat is er:' zei Airene verschrikt. 'De muffins zijn op:' zei Alisia zielig en ze begon te lachen. Airene rolde met haar ogen. 'Mallerd:' zei ze vrolijk en ze knikte naar de zilveren schaal met daarboven twee versgebakken chocolade muffins. Alisia begon te lachen. 'Ik dacht al dat je honger zou krijgen:' giechelde Airene als een klein kind en ze bladerde wat door het fotoboek terwijl ze een slok nam uit de beker. 

Hephaistion

#3
'Wie is dat:' vroeg Alisia, terwijl ze wees naar een vrouw op een tekening. 'Dat ben ik:'antwoordde Airene. Alisia's ogen werden groter, terwijl ze staarde naar een bankstel met daar een liggende jonge vrouw op, alleen een witte lange lap dragend geslierd rond haar lichaam. Een rode lok verdween tussen haar borsten en bedekte een deel van het prachtige sierraad die haar blanke hals sierde. 'Ben jij dat:' bracht Alisia verbaasd uit waarop Airene begon te giechelen als een klein kind. Alisia keek haar moeder vragend aan, daar ze het niet helemaal meer begreep. Een kort gesprek zonder afgemaakte zinnen volgde.
'Heeft papa je'
'Nee'
'Maar wie dan'
Airene zuchtte en stond op. Ze gebaarde dat Alisia haar moest volgen en dat deed ze dan ook. Stappen naar de deur, stappen door de gang en stappen op de trappen en het gekraak van de openslaande zolderdeur. Airene zakte op haar knieën en pakte een klein kistje verstopt achter een half opengevallen plint tegen de muur. Ze blies en een dikke stofwolk verdween en openbaarde het sierwerk op de houten doos. Verbaasd ging Alisia erbij zitten en keek stilzwijgend naar haar moeder. Airene opende het kistje en zette het op de grond. Brutaal pakte Alisia het halssnoer wat op een stapel brieven en tekeningen lag. 'Dit is het collier op de tekening:' zei ze verbaasd, omdat ze eerst niet geloofde dat het haar moeder echt was geweest op dat papier in zwart en wit. Alisia staarde geobsedeerd naar het zilver, terwijl ze het ijspegelvormige kristallen juweel in het midden aanraakte en liet rusten op haar hand. Ze keek haar moeder vragend aan en zonder een antwoord af te wachten ging ze verder zoeken in het doosje. Ze vond wat ze zocht. Een oude foto van een man. Jong, slank en in een bepaalde manier mysterieus. Zijn zwarte haren zaten nonchalant wijzend naar beneden terwijl ze zijn rechteroog bedekten. Het oog wat je nog zag was groot en donker en op een vreemde manier kon Alisia haar ogen niet van de foto afhouden. 'Hij is knap:' zei ze stilletjes. Airene begon te lachen. 'Inderdaad dat was hij.' Alisia keek op. 'Was hij je minnaar:' vroeg ze stilletjes. Bijna alsof ze dacht dat als ze het maar zacht genoeg zou zeggen dat het dan niet waar zou zijn. 'Hij was mijn minnaar, mijn geliefde, hij was mijn alles. Maar lang voordat ik je vader leerde kennen.' Opgelucht haalde Alisia adem. Opnieuw keek ze naar de foto. In haar tweede blik merkte ze op dat hij papier en een potlood vasthield.
'Was hij kunstenaar?' 'Inderdaad.'
Alisia zag zijn kleding: een witte driekwartbroek, een zwarte trui en een paar goedkope schoenen.
'Was hij rijk?' 'Nee dat was hij niet, maar op een bepaalde manier had hij alles.'
Als laatste zag Alisia het bruggetje met de gondel die er onderdoor vaarde.
'Dat was in Venetië hé.' 'Ja, twee weken voordat ik naar het WAKA toe ging. Op de laatste dag is Venetië toen gezonken, nadat een grote vloedgolf de eens zo prachtige stad verwoeste. ' Airene zweeg, terwijl Alisia het papier het papier dat het juweel had gedragen, pakte en  aandachtig begon door te lezen. Airene staarde wat door het dakraam. Alle herinneringen van toen flitsten weer aan haar voorbij. De reis ernaartoe, de eerste ontmoeting, De tweede ontmoeting en de ruzie met haar ouders, De derde en laatste ontmoeting, daar hij zou eindigen in vernietiging en dood.
Zijn naam was Ilias:' fluisterde Airene zachtjes.

Hephaistion

'In het avondrood zie ik jouw haren, in het ochtendgloren jouw gezicht:' las Alisia stil. Ze pakte een ander papier. 'Kijk naar mij, zeg ik zacht, maar jij geeft geen gehoor.' Een wat verkreukeld briefje pakt Alisia als laatste. 'Mensen bieden je de wereld, maar jij kijkt de andere kant op. Een bloem breng ik, een gedicht ten gloren, en jij dan pas kijk jij op.' Alisia kijkt naar de datum '20 augustus 1968:' fluistert ze. 'Dit zijn liefdesbrieven.' Alisia las verder door de bruin geworden brieven keek nog eens naar de jongeman die haar blik telkens weer ving. Driftig las ze de brieven door, in tegenstelling tot Airene die er wat afwezig bij zat. 'je serai á toi pour toute la vie  :' zei ze toen ze de laatste regel van de laatste brief was opgevallen. Ik zal altijd bij jou zijn, wist ze nog te vertalen. 'Was hij Frans.' Alisia wende haar blik weer naar haar moeder die wat naar de foto stond te staren. 'Ja:' zei ze kort en ze legde de foto weer in het kistje samen met de rest van de spullen. 'Klik:' zei het slot toen het weer dicht ging en een piepje kwam vrij toen het weer achter weer werd verstopt. 'Ik moet naar de stad:' zei Airene en ze liep de trap weer af. Verbaasd bleef Alisia achter en ze had haar moeder al begrepen. Ze wou er niet over praten, maar Alisia wel. Voorzichtig stond Alisia op en duwde de plint weg, waarna het kistje weer werd openbaard. Het slot werd er afgehaald en Alisia pakte weer het halssnoer. Ze tikte tegen de kristal in het midden, testend of hij echt was, en legde het toen weer weg. 'Wie ben jij:' zei Alisia een uur later tegen de jongen op de foto. ' Nog steeds las Alisia de brieven aan haar moeder en citeerde ze soms zinnen. 'Vandaag heeft een kunstverzamelaar een tekening van me gekocht. Het was niet veel, maar genoeg om een stokbrood van te kopen. Ik weet eigenlijk niet waarom ik deze brief aan je schrijf. Jij bent rijk en het leven van een arme kunstenaar interesseert jou vast niets en waarschijnlijk zal jij deze brief nooit lezen. Toch kan ik het niet helpen dat ik je gezicht steeds weer voor me zie. Ik zie nog steeds je haren dansen door de wind als je uitkijkt over de zee vanaf de kader. 'Kijk naar mij, zeg ik zacht, maar jij geeft geen gehoor.' Zoals het bleek, was het nooit de bedoeling geweest dat Airene de brieven ooit zou lezen. 'Je staat mooi op de tekening, sorry nog dat ik je als model gebruikte.' Alisia begon te lachen. Zelf had ze altijd gehoopt een man te vinden zoals de mysterieuze fransman, maar John, de man waarmee ze was getrouwd, scheen geen interesse te hebben voor kunst en poëzie. Met een echte vent was ze getrouwd en slap gedoe was voor nichten, waren de woorden die John zovaak uit zijn mond had laten vallen. Hij hield van sport, eten en lette vooral op het geld. John's vader had een fabriek gehad en voedde zijn zoon hard op. Tegenwoordig was de oude Johnsen ergens onder de sterren, kijkend naar de wijde wereld. Misschien had hij wel spijt van zijn daden en woorden en wilde hij niets liever dan alles recht zetten, maar daarvoor was het nu te laat. Ach misschien is het wel net zo'n zeur als vroeger. Toen Alisia nog eens keek naar de foto viel het haar op dat de jonge fransman en haar zoon Matthias meer op elkaar leken dan ze had verwacht. Hun haren, lange slanke figuur en ogen waren eigenlijk hetzelfde. Verschil was wel dat Ilias kunstenaar was en Matthias niets liever wou worden dan dierenarts. Ariagne, Alisia's jongere kind van vijf, speelde eigenlijk alleen maar en was niet geïnteresseerd in de dingen waar ze later nog zovaak over zal gaan zeuren. Ze speelde liever met modder dan dat ze bang was dat haar rode haren vies werden.
Alisia keek wat naar de foto. 'Ik moet het weten:' zei ze bij zichzelf en vastbesloten ging ze met het kistje naar haar moeder toe. Met een boze blik keek ze haar moeder aan, die zweeg voor de grote blauwe ogen die ze zo herkende in zichzelf. 'Goed dan.'