Weerwolven van Wakkerdam

Alleen voor de beheerders => Verhalen => Prullenbak => Verhalen van één persoon => Topic gestart door: Dash op 7 november 2008, 10:53:32

Titel: (semi-)Korte verhalen
Bericht door: Dash op 7 november 2008, 10:53:32
Uit soms pure verveling zet ik Word voor mijn scherm en druk wat toetsen in en soms levert het iets op wat lijk t op een kort verhaal.
Al het commentaar is welkom.

Verhaal 1: Baljuw van Jurre (Post 2 en 3)
Het is een verhaal voor een RPG-forum om een nieuwe stad te introduceren. Om het interessant te maken heb ik er een verhaaltje van gemaakt op de Baljuw (soort burgemeester). Lengte: 3814 woorden (5,5 pagina)
Titel: Re: (semi-)Korte verhalen
Bericht door: Dash op 7 november 2008, 10:54:37
Baljuw van Jurre

Tevreden staarde baljuw Zane vanaf zijn balkon over zijn stad. Jurre lag er rustig bij in de ondergaande zonlicht. In de verte zag Zane een schip met witte zijlen de haven binnenglijden. Bewijs dat de handel nog nooit zo voorspoedig ging als onder zijn beleid. Glimlachend nam Zane een slok van zijn wijn. Een straffe, ietwat zoete wijn uit Eilonia die flink wat had gekost. Maar het was het zeker waard geweest. Nog een laatste blik op de stad en hij liep naar binnen, naar zijn werktafel waar nog een stapel papieren op zijn handtekening wachten.
Hij kon het niet laten om naar de prachtige openhaard te kijken. Eigenlijk ging zijn blik uit naar een klein ivoren beeldje wat op de mantel stond. Een cadeau van het dievengilde. Hij was benieuwd hoe lang het beeldje er nog zou staan. Iedereen wist dat om verder te komen in de rangen van het dievengilde je moest bewijzen dat vaardig genoeg was. Opnieuw wierp hij een blik op het ivoren beeldje. Even grijnsde Zane om de ironie van de beeld, wat op het eerste gezicht leek op vrouwe Justice, beschermvrouw van de rechtspraak en vertegenwoordiger van Cubert, god van gerechtigheid en evenwicht. Maar als je goed keek zag je kleine verschillen. Zo keek de vrouw met een oog onder de blinddoek door, had ze niet een zwaard vast maar een buidel met geld en was één zijde van de weegschaal gevuld, maar de weegschaal was toch in evenwicht. Iemand die met dat beeldje bij de Onzichtbare Hand, de leider van het dievengilde, zou aankloppen zou meteen toe gelaten tot de Raad van Vijf, bestaande uit de Onzichtbare Hand, de Nachtmeester, de Ochtendmeester, de Avondmeester en de Junior. Het feit dat het beeldje hier stond betekende dat er iemand uit de raad was weggevallen en de plaats van Junior weer beschikbaar was.
Opnieuw nam Zane een slok van zijn wijn en dacht aan Nadia, de halfling kazenmaakster met een klein winkeltje bij de Noorderpoort. Wie zou kunnen denken dat zij de Onzichtbare Hand was, de machtigste lid van het dievengilde. Zelfs de gewone dieven niet, want haar naam was alleen bekend is bij de Raad. Zane kon het niet laten om te grijnzen. Hij was haar naam te weten gekomen toen ze vijftien jaar geleden het ivoren beeldje kwam stelen van de vorige baljuw. Zelf was hij toen een simpel hulpje van de griffier geweest. Hij had haar betrapt en had toen heel wat nuttig informatie opgedaan. Nu bezocht hij haar af en toe om afspraken te maken over de activiteiten van het dievengilde. Niemand was gebaat bij een te actief dievengilde, maar als hij het gilde oprolde zou een andere zijn plaats innemen waar hij geen controle overhad. Op deze manier was alles goed geregeld.
Hij nam de laatste slok van zijn wijn en nam plaats achter zijn bureau. De stapel papieren deed de gedachten aan het dievengilde verdwijnen.

De eerste brief droeg een donkerblauw waszegel. Het figuurtje in de zegel van een handharp liet duidelijk weten dat afkomstig was uit van de priesters van Lindale. Bij een betere observatie was de inscriptie van hoge priester te zien. Snel haalde Zane een scherpe brievenopener langs het zegel op de brief te open. Voorzichtig haalde hij de brief eruit en las deze door. Aan het eind van de brief schudde hij zijn hoofd. Hij vroeg zich af hoe de priesters van Lindale het altijd weer voor elkaar kregen om een kort verzoek in zo'n lange verhaal te verwerken. Het was duidelijk te merken dat Lindale de Godin van de woordkunstenaars was.
Rustig pakte hij een stuk papier, een inktpot en een inktpen. Snel vloog de punt van de pen over het papier. Het handschrift dat verscheen was netjes en strak. Zane zag het nut niet van lange sierlijke uithalen aan letters. Zo bleef het tenminste goed leesbaar.
Toen de brief klaar was strooide hij er wat zand over heen om de inkt sneller te laten drogen. Tevreden keek hij naar de brief. Hij had het verzoek van de priesters ingewilligd om over een maand het tempelplein te gebruiken voor het jaarlijkse festival voor Lindale. Wel had hij een aantal eisen gesteld. Zo moesten ze samenwerken met de priesters van Lafavara, godin van de Maan. Zij wilden 's nachts het plein gebruiken voor een openbaar ritueel dat één keer in de zoveel maancycli plaats vond. Natuurlijk vielen beide op dezelfde datum, zoals bij elk groot evenement het geval was. Het was moeilijk om ze beiden hun zin te geven, maar dit zo het meest in de buurt komen. Waarschijnlijk zou hij over een aantal dag een paar klaagbrieven op zijn desk hebben liggen en een week daarna brieven waarin ze schoorvoetend akkoord gingen. Zo ging het meestal bij de priesters. Gelukkig hielden de meeste priestergenootschappen het bij boze brieven en discuseer in het grote tempelcomplex waar zo'n beetje al goden hun eigen plekje hadden om de leer van de goden te verkondigen. De laatste ruzie tussen twee priestergenootschappen had tot een ware veldslag geleid, voordat ze beide uit de stad werden verbannen voor tien jaar. Gelukkig was het nu een stuk rustiger, maar er was altijd wel een genootschap dat het grote plein voor het tempelcomplex wilde gebruiken voor een festival te ere van iets wat de aanbeden god of godin had gedaan of wilde of zoiets vaags.
Snel stopte hij de brief in een envelop en stak een rode waskaars aan. Daarna pakte hij een belletje uit zijn lade en liet hem even rinkelen. Niet veel later kwam een jongeman in een simpel livrei de kamer binnen. Hij liep naar het bureau en knikte kort met zijn hoofd.
"U had mij nodig, heer Zane," antwoordde de jongeman beleefd. Zane pakte de waskaars en liet een paar dikke druppels op de klep van de envelop vallen. Daarna pakte hij zijn wasstempel en drukte deze in de was.
"Deze moet naar de tempel van Lindale, Jason," antwoordde Zane, terwijl de brief overhandigde," verder nog nieuws?"
Jason knikte kort en keek snel om zich heen. Daarna stak hij zijn hand in zijn jasje en haalde daar een verkreukelde stuk perkament uit zijn jas.
"De nieuwe lijst?" vroeg Zane, terwijl hij het stuk perkament aanpakte. Opnieuw knikte Jason en Zane stopte het perkament meteen in de bodem van een lade, daarna legde hij er plankje op, zodat de lade weer leeg leek.
"Bedankt Jason," antwoordde Zane erna net of er niets gebeurde," neem de rest van de avond maar vrij." De jongeman knikte dankbaar en haastte zich met de brief de kamer uit.

Snel wierp Zane een blik op de lade waarin het stuk perkament zat. Op het perkament was een lijst met schepen, ladingen en tijdstippen. De lijst kwam van het smokkelaarsgilde. Een echt gilde kon je het niet noemen. Het was meer een groep smokkkelkapiteins die besloten had samen te werken voor meer veiligheid. Samen kochten ze havenmeesters en leden van de stadswacht om zo zeker te zijn dat hun goederen niet in beslag genomen worden. Even grinnikte Zane. Morriatti, een dwerg die van alles op land regelde voor de kapiteins, dacht dat hij elke maand een lijst opstelde voor een havenmeester, die er voor zorgde dat de controleurs van de baljuw weg bleven. Naast dat het een leuk bedrag opleverde wist hij nu ook precies wat er zijn stad in kwam. Zo kon hij toe laten wat hij ongevaarlijke achtte en zo de handel laten floreren en alles wat een gevaarlijk kon zijn eruit filteren. Daarnaast wist hij ook meteen wanneer de nieuwe lading wijn uit Eilonia er was.
Even likte Zane zijn lippen af bij de gedachte aan wijn en besloot dat het tijd was voor nog een glaasje. Hij stond op liep, naar zijn drankkast en pakte de fles wijn, waaruit de vorige ook geschonken was. Een blik tegen het licht deed hem beseffen wat hij al vermoedde; er zat nog een bodempje in. Hij zuchtte een keer diep en zette de fles naast de kast. Hij pakte een andere fles uit de kast en bekeek het etiket. Het was geen Eiloniaanse wijn, maar van een lokale wijn met een redelijk kwaliteit. Het was dat hij Jason al naar huis had gestuurd anders had hij wel weer een fles Eilonia uit de kelder laten halen. Maar nu moest hij het maar doen met dit wijntje. Snel ontkurkte hij de fles en schonk zichzelf een glaasje wijn in. Even draaide hij met het glas en nam een klein slokje. Het was een beetje flauw en had een metaalachtige nasmaak. Zane kon de wijn niet helemaal plaatsen. Er waren op dit moment belangrijkere dingen dan het proeven van wijn. Hij zette de fles weer in de kast, pakte zijn glas en liep weer naar zijn bureau.
Inmiddels was het wat donkerder geworden en Zane besloot wat olielampen aan te steken. Daarna nam hij weer plaats in de stoel en pakte de stapel papier en begon ze door te lezen.

De eerste vijf waren erg simpel het waren vonnissen van de schout om magiërs de stad uit te zetten. Snel ondertekende Zane deze. Hij was blij als de stad vrij was van magiërs. Verhalen van wat er in Arwen was gebeurt en de chaos die was ontstaan nadat een groep magiërs een dertigtal jaar Jurre wilden overnemen bewezen hem dat de meeste magiërs uit waren op macht en zouden daarom meteen verbannen moeten worden. De wetten dat iedereen die magie bedreef uit de stad hadden eerst tot een heksenjacht geleid, maar nadat de priesteressen van Folian een manier hadden gevonden om zeker vast te stellen of iemand over de Gave, zoals zij het zeiden, beschikte was de rust wedergekeerd. Nu werd iedereen die schuldig werd gevonden verbannen uit de stad. Er waren altijd wel steden die ze wel wilde opnemen. In Dorran scheen zelfs een compleet opleidingscentrum voor 'begiftigen' te zijn.
Met een mooie krul bevestigde Zane het laatste vonnis. Met de rug van zijn hand wiste hij het zweet van zijn voorhoofd. Het was warm geworden in de kamer. Hij stond op, maar moest even de rug van zijn stoel vast pakken omdat alles even duizelde.
"Gewoon te snel op gestaan," mompelde hij en daarna liep hij naar het balkon en zette de balkondeuren open. Een frisse wind blies hem in zijn gezicht. Hij zag dat op de boulevards de straatlantaarns waren aangestoken. Hij was trots op dat zijn stad zo rijk was om dat te kunnen veroorloven. Even bleef hij staan om van het uitzicht te genieten.
Titel: Re: (semi-)Korte verhalen
Bericht door: Dash op 7 november 2008, 10:54:49
Zane haalde eenmaal diep adem en liep daarna weer de kamer in. Hij nam weer plaats achter zijn bureau en nam nog een slokje van de wijn, voordat weer een envelop te pakken. Het papier van de envelop voelde erg glad aan. Zane bekeek de envelop eens goed. Het papier was van hoge kwaliteit en de stempel zat ook keurig in het midden. De stempel kwam hem zeer bekent voor maar hij kon het zich niet zo snel voor de geest halen. Hij schudde even met zijn hoofd. Als hij de brief las zou wel weten waarom het stempel hem zo bekent voorkwam. Hij greep zonder te kijken de brievenopener en miste. Verbaast keek hij naar de fraai bewerkte beker waar de brievenopener in had moeten staan.
"Waar is die brievenopener beleven?" mompelde hij en bekeek het bureau. Het duurde even, maar toe zag hij dat de brievenopener op de vonnissen lag als een pressepaper. Lichtelijk geïrriteerd pakte hij de brievenopener en wiste het zweet van zijn voorhoofd. Snel maakte hij de envelop open en haalde de brief eruit. Wederom een stuk papier dat de afzender een klein vermogen zou hebben gekost. Een fijn, zwierig handschrift vulde het papier. Snel las Zane hem door. Tijdens het lezen trok een wenkbrauw omhoog. Het was een koninklijk bevel dat heer Belverde onmiddellijk gearresteerd diende te worden wegens hoogverraad. Dit verbaasde Zane niets. Vanaf het begin van der tijden werd er gestreden om de Rozentroon. Heren en dames van adel probeerde hun hele leven een betere positie te creëren in het Spel. De hoogste inzet was heerser te worden van een land waarin het altijd de vraag was hoe lang het duurde.
Maar de brief was daar nog niet afgelopen. Het tweede gedeelte ging over een probleem dat bij de huidig koning chronisch leek; een tekort aan geld. Wederom vroeg de koning geld aan de stad Jurre. Daartegen over stonden dat de stad weer bepaalde rechten kreeg. Even grijnsde Zane even. Als dit zo door ging zou Jurre binnen een paar jaar zelfstandig.
Hij zou meteen antwoorden. Hij pakte een stuk papier en de inktpen, daarna wiste hij het zweet van zijn voorhoofd. Hij zette de pen op papier, maar dit keer kreeg hij geen woord meer op papier. Opnieuw wiste hij het zweet van zijn voorhoofd. Hij zuchtte een keer en stak de pen in de inkt.
Hij was gewoon moe. Morgen zou alles een stuk makkelijker gaan. Snel nam hij nog een slok om zijn droge keel te smeren. Daarna legde hij de brief in een lade en pakte de laatste brief. Er zat geen stempel op. Dit betekende geen officiële instantie. Snel opende hij de brief en vouwde hem open. Snel keek hij naar de verzender. Het was van de schout. Het ging over de geplande inval in het moordenaarsgilde. Opnieuw wiste hij het zweet van zijn voorhoofd. Het moordenaarsgilde was een gilde waarin moordenaars zich aanboden voor geld. Het scheen zo te zijn dat ze jou konden bereiken, maar jij hen nooit. Verder kende iedere moordenaar, maar een paar anderen binnen het gilde dit zorgde ervoor dat het gilde niet in een keer kon worden opgerold. Een voortijdige dood schrikte veel handelaren af, dus moest het moordenaarsgilde worden opgeruimd. Bij toeval was er een tip bij de schout beland over een schuilplaats. Het enige wat er hoefde te gebeuren was een handtekening eronder te zetten. Snel probeerde hij de tekst door te lezen, maar de letters begonnen voor zijn ogen te dansen. Hij knipperde een keer met zijn ogen, maar het hielp niet de letters bleven bewegen. Hij legde de brief op het bureau en wreef in zijn ogen.
De deur van de kamer ging open.
"Jason, had ik je niet gevraagd naar huis te gaan,"riep Zane," maar nu je er toch bent..." Hij maakte de zin niet vanaf. Hij probeerde te gaan staan maar zijn knieën begaven het. Wel hoorde hij iemand zijn kant op komen. Hij wilde de persoon aan kijken, maar alles leek in een grijze mist te zijn gehuld.
"Jason, kan je even helpen," vroeg Zane toen degene vlakbij de tafel stond. Met zijn handen tastte hij naar het bureaublad om steun te zoeken in een poging te gaan staan. Hij hoorde papier verschuiven.
"Jason?" vroeg Zane. Hij voelde een hand langs zijn gezicht gaan.
"Geen Jason," zei de gedaante. Het was een vrouwenstem. Ze sprak op plagerige toon.
"Dat doe je hier," riep Zane," maak dat je weg komt." Zane wist zich met veel moeite op te slaan. Hij wilde naar haard lopen om zijn zwaard te pakken. Maar halverwege zakte hij in elkaar.
"Wat heb je gedaan," riep hij. Hij merkte dat ze dichterbij kwam.
"Wat is er aan de hand dan, baljuw Zane," zei ze op een toon die tegen peuters gebruikte," voelen wij ons niet lekker vandaag?" Ze pakte Zane vast en zette hem rechtop.
"Oh, je bedoelt dat je niet meer kan lopen?" zei ze op poeslieve toon," dat is gewoon wat gif. Dollemanskervel als je het precies wilt weten."
Zanes maag verkrampte en hij kokhalsde. Hij draaide zijn hoofd naar de vrouw toe. Het enige wat hij zag was blond haar.
"Wat wil je dat ik doe?" kreunde hij. Hij wist dat als ze hem wilde vermoordden hij allang dood was.
"Zo, zo, meneer heeft nog praatjes," zei ze of hij een goede grap vertelde. Ze gleed langs zijn gezicht met haar hand.
"Laten we zeggen dat beter iets niet kan doen," glimlachte ze, terwijl ze haar hand door zijn haren haalde.
"Wat bedoel je?" bracht hij tussen twee braakneigingen door uit. Ze pakt zijn kin vast en hield zijn hoofd voor haar gezicht. Blauwe ogen, knappe gezicht op dat kleine litteken op haar linkerwang na.
"Je hebt het nog steeds niet door, hè," zei ze of ze net een grap met hem had uitgehaald en haalde haar hand door zijn haren," heeft dit schatje wat hulp nodig?"
De vrouw stond op en liep naar zijn bureau toe. Dit moment gebruikte Zane om zijn maag in een plantenbak te legen. De smaak van gal bleef in zijn mond hangen. Snel veegde hij met zijn mouw langs zijn lippen en keek waar de vrouw was. In de waas van zijn kamer zag iets bewegen waar zijn bureau zou moeten staan. Het geluid van ritselend papier klonk. Meteen kwam er een donkere vlek zijn richting op. Snel draaide hij zijn hoofd weg om de braakneigingen te onderdrukken.
"Ach, schatje zweet helemaal. Zo kan een baljuw zich toch niet vertonen," klonk ze bijna geschokt. Meteen voelde Zane hoe zijn gezicht naar de vrouw gedraaid werd en een doek ruw over zijn gezicht gehaald worden.
"Wat wil je nu," fluisterde Zane. Hij had willen schreeuwen, maar zijn stem wilde niet mee werken. Twee diepblauwe ogen keek in de zijne.
"Geduld schatje. Ik vraag waarom zo'n mooie man niet getrouwd is," sprak de vrouw speels,"  maar je hebt gelijk, schatje. Zie je dit papiertje?" Een witte vlek danste voor zijn ogen. Hij ko niet lezen wat erop stond maar hij had een vermoeden.
"Mijn werkgevers zijn er niet zo blij mee,"ging ze verder, terwijl ze opnieuw haar hand door zijn haren halen," het zou onze operaties behoorlijk verstoren. Niet dat je ons gestopt zou hebben." Opnieuw speelde zijn maag op en dit keer kon hij niet beheersen. Vlak voor het naar buiten kwam voelde hij hoe zijn hoofd werd gedraaid, waardoor alles op het tapijt landde. Zwarte vlekken dansten voor zijn ogen.
"Ach, kunnen we ons eten niet meer binnen houden? Dan zal ik moeten haasten. Kauw hier maar even op, schatje," sprak de vrouw teleurgesteld. Zane voelde hoe er iets in zijn mond gedrukt werden. Daarna drukte de vrouw zijn hoofd tegen zich aan. Voorzichtig begon hij er op te kauwen. Het smaakte naar mint.
"Goed zo, lekker ding. Waar was in gebleven?" zei ze gespeeld," o ja, je gaat dit papiertje niet ondertekenen. Sterker nog je schrijft een verklaring waarin staat dat het valse informatie was gegeven door een Rat. Zo'n lieve man als jij zou dat toch wel voor mij willen doen?"
Zane kon alleen maar kreunen. Een vel papier werd onder zijn neus gedrukt. Zwarte vlekjes betekende dat er tekst op stond.
"Het enige wat je hoeft te doen is hier een stempeltje te zetten," zei ze poeslief, terwijl Zane voelde dat zijn stempel in zijn hand werd gedrukt," gewoon een simpel contractje waarin wij aanbieden geen enkel contract aannemen om jou te doden en jij zweert plechtig dat je geen acties tegen ons onderneemt. Meer niet."  Zane wilde het stempel weggooien, maar zijn arm werkte niet mee en het stempel landde naast het neer.
"Ach lieverd, sterf je liever langzaam? Je bloed zal dunner worden, totdat je doodbloed. Niet erg prettig. Ik heb het vaker zien gebeuren," zei ze met deze toon waarop ze zou vertellen dat het vandaag zonnig was," het zou jammer zijn als zo'n mooie man als jij vroegtijdig zou sterven en hoe vervelend zou het zijn als je moedertje een ongeluk zou krijgen. Je moeder en dat leuke dienstmeisje uit de keuken, die je altijd je eten komt brengen. Erg vervelend." Zanes ogen puilde uit van de bedreigingen. Hem mochten ze hebben, maar hij moest er niet aandenken wat ze zijn moeder en Molly zouden aan doen. Opnieuw werd het stempel in zijn hand gedrukt.
"Alles op te lossen door één klein stempeltje," sprak de vrouw, terwijl ze opnieuw het papier onder zijn neus drukte. Traag tilde hij zijn stempel op en drukte deze onvast op het papier.
"Zie je nu wel hoe makkelijk dat was," glimlachte de vrouw. Het papier verdween ergens op borsthoogte meende Zane te  zien. Totaal onverwacht greep de vrouw zijn hoofd beet en drukte haar lippen op de zijne. Hij wilde tegenstribbelen, maar de vrouw had hem stevig vast. Tijdens de zoen voelde hij hoe iets in zijn mond werd gedrukt. Toen de kus was afgelopen slikte hij een keer en iets stevigs gleed omlaag.
"Jammer dat we elkaar onder deze omstandigheden ontmoetten," zuchtte de vrouw," slaap lekker lieverd." Voorzichtige sleepte ze hem naar zijn stoel en zette hem erin. Hij voelde zich duf worden. Toen begon zij zijn mouw op te stropen.
"Wat doe je?" fluisterde hij, terwijl hij naar haar keek.
"Een herinnering maken aan onze deal," glimlachte ze," ik zou niet willen dat mij zou vergeten." Hij wilde vragen wat ze bedoelde, maar alles langzaam werd alles zwart voor zijn ogen. Even voelde hij nog een pijnsteek in zijn rechterarm.

"Meneer Zane, meneer Zane?" klonk het in de verte. Langzaam opende Zane zijn ogen. Jason keek bezorgt. Zanes hoofd duizelde nog, terwijl er ochtendlicht op zijn bureau viel.
"U zou niet zo lang moeten doorgaan, mijnheer," sprak Jason," ik stel voor dat u vandaag al u afspraken af zegt en een moment voor uzelf neemt." Reflexmatig krabde Zane aan een pijnlijke jeukende plek op zin rechterarm.
"Wat heeft u daar?" vroeg Jason bezorgt, terwijl hij naar Zane arm staarde. Snel keek Zane naar zijn arm. Er zat een witte doek om zijn arm gewikkeld. Voorzichtig haalde hij het doekje van zijn arm af. De huid onder de doek was rood en lichtelijk op gezet. Tegen deze rode achtergrond waren met donker zwarte lijnen een hond duidelijk zichtbaar. Vol afschuw haalde Zane de doek over zijn arm, maar de afbeelding zat onder zijn huid. Toen hij naar Jason keek zag hij dat deze ook niet wist wat hij moest zeggen.
Even hield de stilte stand. Daarna stond Zane op.
"Ik denk dat je gelijk hebt," sprak hij teneergeslagen," en zeg al mijn afspraken af."
"Natuurlijk, meneer," antwoordde Jason. Daarna maakte hij een kleine buiging en liep de kamer uit. Opnieuw keek Zane naar de hond op zijn arm. De oren van de hond waren erg puntig afgewerkt. Hij zuchtte een keer diep. Dit was dus de herinnering aan het contract. Vermoeid slofte hij naar de deur. Bij de deur draaide hij zich om keek zijn kamer rond. Hij zag dat er een hoopje braaksel op het tapijt lag. Hij schudde zijn hoofd daar zou hij weer een preek over krijgen. Er viel nu niets meer aan te doen. Langzaam draaide hij hoofd weg en zijn blik gleed over de openhaard. Zijn hart sloeg een slag over en zijn gezicht werd bleek.
Het ivoren beeld op de mantel was weg.