Weerwolven van Wakkerdam

Alleen voor de beheerders => Verhalen => Prullenbak => Verhalen van één persoon => Topic gestart door: Hephaistion op 1 november 2008, 20:12:46

Titel: Sweet Death and Depression
Bericht door: Hephaistion op 1 november 2008, 20:12:46
Twee grote lichten razen over de weg en duwen de duisternis opzij, die de wereld verhult in dit late uur. Vergezeld door vele anderen lichten ze de geasfalteerde wegen op en doen hun plicht in het voorkomen van dat gene wat er komen zal.
Een geeuw, een vage blik en wat gemompel vullen de ruimte binnenin de ijzeren slede. Een tweede blik aanschouwt de klok en duikt snel weg voor de late waarheid.
Een jonge vrouw kijkt uit het raam en ziet nog vaag een vervallen boerderij. De verhalen van haar oma flitsen langs haar ogen. 'Vroeger, toen ik nog jong was, lag er een fietspad naast de autobaan en aan dat pad stond een boerderij. Daar woonde een jongen zo mooi als een engel. Telkens als ik met mijn fiets langs de boerderij op reed zag ik de jongen tegen de grote, oude eikenboom aanleunen.'
De eikenboom staat nu grimmig naast de overgroeide boerderij en de vrouw stelt zich voor hoe de jongen daar zat, leunend tegen de eikenboom. Zou ze zelf ook ooit zo'n jongen vinden? Veel tijd om die vraag te beantwoorden krijgt ze niet. omdat de nacht het zicht beperkt, probeert ze haar focus te leggen op de weg, wat maar moeilijk gaat. Nog even denkt ze terug aan de avond voordat ze een nieuwe poging waagt. cadeaus , vrienden, drank en jaloezie: een typische verjaardag dus. Een glas was omgevallen en Miranda, die toch al de pik op hem had, gaf Sven daar meteen de schuld van. Sven zwaaide wat en het scheen enige tellen te duren voordat het tot hem doordrong dat hij net beschuldigt was. 'Niet waar,' kwam er wat kinderachtig en onduidelijk uit en na wat gelach van de jarige daalden de spanningen weer weg. Het uitpakken van de cadeaus ging al niet veel beter. 'Mijne,' zei Sven kort, die vond dat zijn cadeau beter was dan die van Miranda. Miranda antwoordde nijdig, maar ieder eromheen weerstond met moeite de lachbui. 'Ooit zien ze het in,' had de jarige geantwoord en met die woorden sloot de jonge bestuurster haar avond af en keerde haar gedachten weer terug op de weg. Een tweede poging daartoe ging al net zo moeizaam als die eerste. Haar ogen voelden zwaar en de felle lichten, die langs op haar vlogen, maakte het al niet veel aangenamer. Ze zuchtte. Was ze al bijna thuis?
Haar klagende gedachten werden verstoort door een bestuurder achter haar. De man, wat ze maar aannam daar het moeilijk te zien was in het omhullende donker, reed driftig en duwde zijn neus bijna tegen haar kofferbak. 'Bumperklever,' gromde ze, chagrijnig van de moeheid. De bestuurder reed voorbij en in een vlaag zag ze de ster op de achterkant van de auto.
'Verwend nest.' Ze was nog te naïef om te weten dat een auto niets zei over de portemonnee van een persoon. Ze geloofde nog dat als je mensen helpt, ze jou later ook zullen helpen. Ook al was die gedachte nog zo onnozel, ze geloofde er standvastig in en met die gedachte stond ze iedere morgen op, wetende – of misschien wel hopende – dat de wereld weer een stukje minder wreed was. Dat mensen sterven in Colombia door corruptie, dat dieren worden gedood om hun vacht en dat er elke dag opnieuw duizenden kinderen worden gepest om hun haar, stond nog te ver van haar af om haar droom door bittere realiteit te laten vernielen.
Naast de vrouw rijdt een rode Mazda en ook al kan ze niet zien wie erin rijdt, ze gokte op één of hoogstwaarschijnlijk meerdere jongeren, omdat ze de trillingen van de muziek in haar eigen auto voelde. Erick had dat ook wel eens gedaan. Hij was overtuigt dat hij zo het niet geslaagde etentje toch nog kon omzetten in een afspraak in zijn slaapkamer. Erick en al die andere jongens waren eigenlijk allemaal even erg. Waarom koos ze nou weer een jongen, die ze eigenlijk niet eens leuk vond? Haar keuze was alleen maar gebaseerd op uiterlijk of zelfs alleen maar een leuke grap, wanneer ze door de perfecte vriendjes van haar vriendinnen tot wanhoop werd gedreven. 'Waarom wordt een leuke jongen nooit verliefd op me, ben ik gedoemd tot van die stoertjes en sukkels,' zei ze wat wanhopig en ze zuchtte wat dramatiek uit en nam een hap optimisme.
De vrouw kijkt in de spiegel. Ze ziet een licht dichterbij komen. Langzaamaan splijt het licht zich in tweeën en dan pas ziet ze de snelheid waarmee het voertuig haar nadert. De auto schiet tussen haar en de Mazda door, ze wijkt uit naar links, beland op het fietspad en zowel geschrokken als boos tegelijk stopt ze de auto. Met twee handen klemt ze zich vast aan het stuur. Mensen komen erbij staan en zien wat de vrouw nog niet heeft gezien. Ze ademt diep in en weer uit totdat ze kalmeert, voordat ze zich beseft dat mensen naar haar kijken. Niemand komt dichterbij en wanneer ze de deur opent stapt de menigte naar achteren. Beschuldigen ze haar nou? Ze denkt daar maar niet over na. Ze hoorde iets tegen haar wielen aan botsen.  Ze hoopt dat het geen rots was.
Ze voelt zich gespannen. Ze stapt uit en kijkt opzij. Ze ziet niets. Ze zet een stap dichterbij. Ze schrikt. Ze heeft het gezien. Pas wanneer de mensen beseffen dat de vrouw, die als verdooft staat te kijken naar wat tegen haar wiel aan ligt, onschuldig is komen ze dichterbij. Ze hebben al een mening gevormd, een mening die de vrouw niet zal delen. Een man legt een arm om haar schouder. 'Gaat het met u,' vraagt hij bezorgt, terwijl hij het wit geworden gezicht aanschouwt. De vrouw antwoord niet, ze wil het niet realiseren. Een paar seconden later wend ze haar gezicht af en kijkt de man aan. Wat moet ze zeggen? 'Het gaat wel,' zegt ze suf,  waarna ze haar hoofd tegen de man zijn borst legt. Tranen rollen over haar gezicht en vallen neer op de koude kille grond. Wat heeft ze gedaan?   
Een andere man belt de ambulance en politie op. 'Een aanrijding, een man is verongelukt,' is alles wat ze hoort.
Titel: Re: Sweet Death and Depression
Bericht door: Hephaistion op 3 november 2008, 14:40:39
'Daar staat het.' Een vinger wijst naar het noorden. ' Deze oude volledig gerestaureerde villa is gebouwd in de jaren twintig en het straalt gewoon de klasse uit van de mensen die er vroeger in hebben geleefd.' De helderblauwe ogen van de makelaar glinsteren bijna wanneer ze de deur voor haar klanten opent. 'Dit is de eetzaal en de reden waarom ik jullie deze kamer als eerste laat zien, is omdat het al meteen een duidelijk beeld geeft van hoe de rest van het huis eruit ziet.'
Een kalende man wrijft wat over het rode behang heen. Hij laat zijn hand langs de lichtelijk zichtbare patronen glijden en legt hem vervolgens tevreden neer op de zwart leren eetstoel.
De blonde, al wat oudere vrouw loopt naar de witmarmeren schouw toe en nieuwsgierig opent ze de deur die ernaast staat. 'Schat, kijk eens,' zegt ze verheugt, terwijl ze haar man roept. De eveneens al wat oudere man komt met een stevige pas naar zijn vrouw toe. Zijn gepoetste linker Mefisto  komt precies na zijn rechter neer. De ritmische pas verraad de vele danslessen die de man gehad heeft. Balzaal dansen gokte de makelaar en ze liep het echtpaar achterna.
'De keuken is zeker een lust voor het oog. Na de brand, die er zo'n twee decennia geleden heeft gewoed is de linkerkant volledig gerestaureerd.' De makelaar loopt naar een muur toe, waar de stenen nog volledig zichtbaar zijn. 'Deze muur houdt de herinnering van hoe het vroeger was nog levend.' De man tikt tegen het natuurstenen blad aan. Misschien wou hij wel kijken of het echt was, misschien kriebelden zijn handen en dacht de man dat pijn het gekriebel zou verdoven. De makelaar had in haar zeven jaar al raardere dingen meegemaakt. De blonde vrouw met haar opgestoken haar, vond het wel storend en geïrriteerd tikt haar man aan.
'Sorry mevrouw maar hoe zei u ook alweer dat u heette,' zegt ze met een sierlijke 'r' terwijl ze met een glimlach de in haar ogen domme vraag verbergt.
'Amelie, Amelie Dolsen.'
De sleutel wordt in het stopcontact gestoken en na een paar seconden start de motor van de Volvo en rijdt Amelie van het grote terrein af. Het witte grind vormt een mooi contrast met de zwarte auto en terwijl de zon steeds feller begint te schijnen, neemt ze afscheid van de twee kopers. 'Het was liefde op het eerste gezicht,' schrijft Amelie nog vluchtig in haar notitieboekje, voordat ze de weg oprijdt en de villa echt verlaat. De vroege zaterdagmiddagzon schijnt op haar donkerbruine haren, die ze – vanwege haar werk – in een knot draagt en het late lente weer verkoeld de snorrende motor, die de lange auto over het asfalt brengt. Rondom de weg bevinden zich niet veel meer dan bomen, weiden en hier en daar een prachtige villa, die in vele dromen over rijkdom te vinden is. Amelie zelf vind de villa's prachtig maar met de levens van de mensen er binnenin zou ze niet willen ruilen. In haar werk is ze veel soorten mensen tegengekomen. Armeren, rijkeren, gelukkige mensen, ongelukkige mensen en ze wist dat rijkdom en geluk niet altijd hand in hand gingen. Zo had ze eens een echtpaar gehad met drie nog jonge kinderen, een zoon en twee dochters. Ze zochten naar een huis vergelijkbaar met de villa die ze net nog had bezocht. Het zestal liep door het enorme huis heen en terwijl Amelie de kinderen hun kamers liet zien hoorden ze de ouders ruziën. Ook al had ze niet willen afluisteren de stemmen van het ruziënde paar galmden door het hele huis heen. De man betichte de vrouw ervan een affaire te hebben met de nog jonge tuinman. 'Dat blaag,' galmde er iets harder. De vrouw, wiens stem wat weg hat van een krijsende kat, ontkende alles en legde de schuld bij de man, of beter gezegd de afwezigheid van de man. 'Altijd maar overwerken en mij maar achterlaten met die kinderen,' zei ze verbeten. Amelie had de kinderen toen aangekeken en ze wist dat, ook al waren ze nog erg jong, de kinderen het geruzie duidelijk meekregen. De volgende dag belde de man op om te vertellen dat de koop niet doorging en dat ze toch niet wouden verhuizen. Amelie wist genoeg.
In het half openstaande dashboard lag een foto van een nog jonge man van ongeveer dezelfde leeftijd als Amelie. De man had, net als Amelie, blauwe ogen en lang donker haar. Naast de foto lagen wat tissues, een mueslireep en een bonnetje van La Mode, een kledingzaak in de stad. Verder hingen er nog dobbelstenen aan de achteruitkijkspiegel en lag er een boek van Rosita Steenbeek's 'ontmoeting in Venetië.' Een half opengevallen zwarte handtas lag op de stoel naast haar en op wat make-up spulletjes en een portemonnee na lag er niet veel meer in dan papiersnippertjes en lege pennen.
Moeizaam trekt Amelie de handrem aan en stopt de al ouder wordende auto. Ze moet hem een keer inruilen, dat weet ze, maar het gezoem van de auto vind ze nog te fijn. Piedro, een schoonmaker van het appartementen complex zwaait naar haar, terwijl hij de vlekken van gisteren probeert te verwijderen. 'Wat één enkele vlek kan vertellen,' had hij eens gezegd toen Amelie de al oudere man wou helpen. 'Neem deze vlek hier. Kleine bloemblaadjes bladderen nog van de gladde muur af. Een mislukt afspraakje lijkt me zo. Een man wil haar bloemen brengen, maar als hij voor de deur staat hoort hij vreemde geluiden. Hij komt erachter dat de vrouw al met een ander heeft en Boos smijt hij de bloemen tegen de muur voordat hij in zijn auto stapt en weg rijdt.' Piedro zelf kan erover meepraten. Hij kwam uit een scheiding van jaren geleden. Hij zelf was de persoon die vreemd ging en ook al zag zijn vrouw nog net zoveel spijt in zijn bruine honden ogen, ze heeft hem meteen verlaten. Nu nog heeft de man spijt van zijn daden en leeft hij liever alleen dan dat hij de enige vrouw van wie hij ooit gehouden had, weer zou bedriegen. 'Neem geen voorbeeld aan mij,' had hij op het einde gezegd tegen Amelie, toen ze 's avonds na haar werk het verhaal van de man hoorde. De Spanjaard zag Amelie als zijn dochter en toen zij Chase aan hem voorstelde, leunend tegen zijn borst, had Piedro Chase eerst eens goed onderzocht. Een goedkeurend knikje volgde. 'Mooie vangst,'  waren de woorden die hij later tegen haar had gezegd. Nu nog herinnerd ze zich de woorden van de schoonmaker, die vroeger de Middellandse zee beviste. 
'Hee jij,' zegt ze, terwijl ze de deur opent. Chase kijkt op.
Titel: Re: Sweet Death and Depression
Bericht door: Hephaistion op 5 november 2008, 21:49:06
Chase knippert met zijn ogen. Het felle zonlicht, dat door de ramen van zitgelegenheid Délifrance schijnt, weerkaatst op de vorken wanneer Chase erin kijkt. Hij speelt wat met zijn lokken, alsof hij probeert te tellen uit hoeveel haren zijn pony bestaat. Amelie had zijn kinderlijke onschuld en naïviteit altijd als schattig ervaren en dat samen met zijn charmante uitstraling en hulpvaardig karakter maakte hem tot wat hij was. Het verwonderde Amelie altijd hoeveel ze eigenlijk op elkaar lijken. Beiden bespelen ze een instrument, hij gitaar zij viool, beiden proberen ze mensen te helpen, hij met zijn baan als fotograaf en collumnist bij een weekblad en zij als makelaar.
Ze kijkt hem aan, Chase lacht lieflijk terug. Ze had zich altijd stiekem afgevraagd of alle Amerikanen zo waren, daar Chase tot zijn vierde in Florida had geleefd.
het restaurant, waar vooral broodjes worden geserveerd , wis vrij smal en ondanks de rood met gele muren ademt het een rustige sfeer uit.  De houten stoelen zitten comfortabel en op één of twee na, zijn alle tafels bezet. Een forse man, die aan de tafel in de hoek zit , kijkt op telkens weer wanneer een rijkelijk gevuld broodje zijn tafel passeert. Een vrouw naast Amelie besteld een typisch Frans broodje en de man tegenover haar kijkt bedenkelijk als hij om een keuze wordt gevraagd.
'Heeft u een keuze kunnen maken,' zegt een jonge vrouw, terwijl ze met haar pen wat  tegen haar mond tikt. Amelie kijkt op, ze schat de blondharige serveerster een jaar achttien en studente, die wat bij wilt verdienen. 'Een koffie en een Française.' 
'En u meneer?' de vrouw draait haar gezicht naar de andere kant van de kleine tafel.
'Ook koffie en ..... .' Half struikelend over de zes tassen naast Amelie, loopt ze naar de toonbank. Door het glas zag je de verschillende ingrediënten netjes gesorteerd liggen. De verschillende kazen, tomaten en vleessoorten geven een mooi kleurrijk contrast en samen met de geur van vers gebakken brood lokken zij dagelijks vele klanten in het Frans uitziende restaurantje. Aan de muur hangen verschillende foto's. Chase vertelt over de verschillende standpunten van de camera, lichtinval en dat ze ooit toch echt eens met zijn tweeën naar Parijs moesten gaan. 'Nemen we het duurste hotel en eten we iedere dag kaviaar en drinken champagne.' Amelie begint te lachen. Parijs leek haar wel een mooie stad om doorheen te slenteren, leunend tegen Chase zijn schouder.   
Half in fantasieën verdwaald, worden de twee door een andere serveerster onderbroken. 'Uw koffie,' zegt ze vriendelijk en ze legt een bonnetje neer. De serveerster is een donkerharige volwassen vrouw en Amelie schat haar een jaar of dertig. 'vijfendertig schat ik,' zegt Chase, die waarschijnlijk hetzelfde denkt als Amelie. 'Nee, dertig. Wedden?' Amelie roert wat door haar koffie heen, terwijl ze de suiker er doorheen gooit. Extra zoet, want daar hield ze van. Chase was meer een melk type en bijna de halve kan wordt in de toch al veelte grote kop  gegoten.
'Ik wou je nog wat laten zien.' Chase haalt een papier uit zijn zwart witte schoudertas, gekocht ergens op vakantie in Spanje. 'Mijn artikel in het promotie blad. Het moet echt goed zijn en ik wou je mening graag weten.' Amelie pakt het papier aan. Een foto, geplaatst in het midden van het artikel, breekt de zwarte woorden en vele lijnen. Het artikel gaat over schizofrenie, maar veel meer dan dat krijgt Amelie niet mee. De woorden beginnen te draaien en veel meer dan twee lichten over een snelweg ziet ze niet. De lichten schijnen fel en doen zeer in haar ogen. Heel even is alles om haar heen zwart en ziet ze de lichten voor zich uit. Witte strepen schieten langs haar voorbij en de mensen bewegen langs haar op. Geluiden uit het restaurant klinken vaag en uit de serveersters mond komt een grote knal. 'Amelie?' Een hand ligt op haar schouder en een kopje knalt tegen de muur.
'Amelie gaat het?' Chase kijkt verschrikt op. Ze kijkt wat om haar heen en merkt dat de mensen haar aankijken. Haar ogen steken en ze haalt haar handen door haar haar. 'Ik voel me niet zo goed,' zegt ze en ze staat op. Ze leunt wat tegen Chase aan, die verschrikt is op gestaan.
Veel woorden worden er daarna niet meer gezegd en het volgende moment vindt ze zichzelf terug in het grote bed in haar slaapkamer. Ze kijkt eens goed om zich heen. Het rode behang en donkere meubels worden door een nog zwakke zon verlicht. Het is ochtend, gokt ze en ze besluit nog te blijven liggen. In vlagen herinnert ze zich de dag voor deze. Koffie, Chase, scherven en die twee lichten. Ze drukt haar hoofd wat meer in de crèmekleurige kussens.
Ze weet heel goed wat die twee lichten betekenen en eigenlijk wil ze er niet aan denken. Ze drukt de gedachten weg en concentreert zich op dat gene wat naast en voor haar ligt. Een grote bos witte lelies, haar lievelingsplanten, zitten in een rode vaas op haar nachtkastje.  Haar tassen vol met kleren leunen tegen de enorme spiegel aan. De spiegel was een cadeau van haar vader toen ze op kamers ging en in die kleine kamer, wat nog maar amper een kamer te noemen was,  had het gigantische ding niet eens gepast. Het appartement aan de Zonsbeek was daarentegen een ruim opgezet gebouw met grote zeskamer appartementen en een tuin die doet denken aan de royale tuinen van de franse paleizen. De wit geverfde deur gaat open en Chase staat in de deur opening. Hij zegt niets, maar glimlacht opgelucht.
'Hee jij.'   
Titel: Re: Sweet Death and Depression
Bericht door: Hephaistion op 6 november 2008, 22:13:09
 Weken gaan voorbij en Amelie blijft de vage lichten terugzien in elke droom die ze tegenkomt. Ze weet wat het is, maar besluit Chase er maar niet lastig mee te vallen en terwijl tijd voorbij vliegt, rijden ze naar een familie dag toe. De Dolsens, want het is Amelie's familie die Chase voor een groot deel voor het eerst zal zien, staan bekend om hun statige verschijning en achterbuurtse roddelpartijen. De zomer raakt ten einde en nog genietend van de zeldzame Nederlandse laatmiddag zonnestralen, parkeren ze hun auto voor het enorme gebouw waar het feest plaats vind.
'En toch houden we van elkaar,' zegt Amelie, terwijl ze voor de deur staan. In een poging Chase gedachten over haar familie te veranderen, glimlacht ze al haar tanden bloot. Ze weet dat hij veel van haar familie nog niet kent en dat hij van top tot teen bekeken en beoordeeld zal worden, was als het ware al een feit voor de echte  beoordeling zou gaan beginnen. Haar pijnlijke brede glimlach schijnt niet veel te veranderen en een laatste 'Het zal allemaal wel meevallen' gevolgd door een schouderklopje maakt het ook allemaal niet beter. Chase zou wel in de smaak vallen, dat wist Amelie. Ze kent haar familie goed genoeg om te weten op wat voor soort type mannen ze gesteld zijn.  'Iedere man is al een opluchting,' was eens een misplaatste opmerking van Amelie's moeder toen ze zonder date kwam naar een familie etentje.
Nog één laatste zucht en dan wordt de deur toch echt geopend. Een kleine duw achter haar vertelt Amelie dat ze eerst moet gaan. Ze kijkt naar links, naar rechts en even naar voren en sleurt Chase dan toch echt naar binnen. Ze staan in een grote brede gang met veel houtbewerkingen. Er waren drie deuren. De deur in het midden was naar de grote zaal, de plaats waar iedereen geacht werd te staan en waar het diner ook plaats zou gaan vinden. De linker deur was voor de wc's en achter de rechterdeur lag een gang die naar alle andere vertrekken leidde. Aan een enorme stellage van kleerhangers hingen alle jassen, tassen en andere spullen die eigenlijk overbodig waren, maar toch maar meegezeuld werden. Chase pakt Amelie's jas aan en hangt die, samen met die van hem, aan de twee kleerhangers in de rechterhoek van de eerste rij. Het dichtst bij de uitgang.
'Amelie, Chase?' Een hoog opgeheven hoofd en een 'iedere letter uitspreken' stem stonden achter hen. 'Mam, hoe gaat het?' Amelie omhelst haar moeder en daarna Chase zijn rechterarm, die al inziet dat hij niet meer kan vluchten en zo overtuigt mogelijk de hand van zijn toekomstige schoonmoeder schudt.
'Hallo mevrouw Bonsen, u ziet er prachtig uit,' zegt hij wat gemaakt, proberend met een glimlach dat te verbergen. Mevrouw Bonsen kijkt met haar donkere ogen naar Chase zijn hoofd, glijdt daarna af naar zijn shirt en eindigt bij zijn schoenen. Nog even beoordeelt ze zijn stem en daarna velt ze haar oordeel. 'Charmant,' zegt ze goedkeurend met een kleine knipoog richting haar dochter.
Ook Richard, Amelie's vader, komt erbij staan en met een vaderlijke bescherming neemt hij Chase eens goed in zich op. 'Donker haar van een gemiddelde lengte met een schuin geknipte pony, Grote amandelvormige blauwe ogen, een slanke maar niet magere bouw, zo'n één meter tachtig en vrije tijd maar nette zwart witte kleren.' Goed verzorgt, was zijn conclusie, waarna hij vriendelijk zijn handen schudt. 'Wees goed voor mijn meissie,' zegt hij vriendelijk en ook hij knipoogt richting zijn dochter. 'Zie je! Het valt wel mee.' Chase knikt en voor even verlaat hij zijn vriendin voor het urinoir.
Amelie loopt naar de grote zaal en gaat haastig op zoek naar de drankjes. Ze kreeg dorst van al die mensen en nu Chase wat zekerder van zichzelf was kon ook hij van de gelegenheid genieten. Ook al was de Dolsen familie vrij bekakt met hun hoge hakken, dikke plamuurlagen en een overdosis aan zelfvertrouwen toch was het haar familie en ze hield van ze. Ze kijkt wat om haar heen en speurt naar bekenden. De zaal had veel spiegels, hoge ramen met grote rode gordijnen ervoor, veel hout en natuurstenen laminaat. Aan de linkerkant stonden twee lange tafels waar het diner werd voorbereidt en links in de hoek stond een tafel met drankjes en kleine hapjes.
'Hee, zussie,' Amelie kijkt om.
'Weer geen vriendje?' Jason lacht met een broederlijke pesterij in zijn stem. Hij wist dat Chase er was, maar al die keren dat zijn kleine zus zonder vriendje aangestaard werd,vond hij te vermakelijk.
Amelie lacht en vist Jason's rare hoed van zijn hoofd. 'Waar is jouw verloofde dan,' zegt ze even plagerig terug en ze zet de veelte grote hoed op haar hoofd. Ze duwt op de rand waardoor het ding wat meer naar voren valt en kijkt haar broer dan aan.
'Sandra is met mam en pap aan het praten. Kwam Chase door de keuring heen?' Beiden wisten ze hoe hun ouders waren en eigenlijk vonden ze het ook wel amusant.
'Twee knipogen en Charmant.'
'Oeoeh, dan zijn ze onder de indruk. Sandra kreeg  een schouderklopje en tweemaal lief.'
'Is ook niet slecht. Sandra mag blij zijn met zo'n man als jij.' Jason wordt geroepen door  iemand waarvan Amelie de naam niet meer wist en net toen ze twee glazen champagne inschonk, kwam Chase aangelopen. Hij kust zijn vriendin en pakt het glas dat ze in de hand houdt. Na een merkwaardig, maar interessant verhaal over de wc's en de kinderen die tikkertje spelen buiten op het plein begint Amelie Chase wegwijs te maken door haar familie.
'Dat is tante Agate. Ze is getrouwd met oom Frits.'
'Ze ziet eruit als die redactrice uit die film van gister.'
'Ja, best wel eigenlijk.'
Chase bleek perfect in de roddelende familie te passen en na wat speculaties over het haar van neef Arjan, neemt Moniek, want zo heette Amelie's moeder,  het woord. Het was merkwaardig om te zien hoe ze zonder enige moeite de aandacht op zich vestigde, een eigenschap die Amelie ook bezat.
Moniek begint te praten over hoe fijn ze het vind dat iedereen is gekomen en na een verhaaltje over het onverwacht warme weer vraagt ze iedereen om aan tafel te gaan zitten. Elke plaats is gereserveerd, waardoor Moniek zeker wist, dat iedereen zat zoals ze hoorden te zitten.
Amelie vind haar plaats naast een oudtante en na enkele seconden komt Chase er rustig naast zitten. De tafels zijn uitbundig bedekt met tientallen kaarsenstandaards  en bestek keurig net ernaast. Twee glazen, één voor de wijn of jus d'orange en één voor het water, zijn netjes gepocheerd naast elk bord geplaatst. Mensen zijn druk aan het praten en nadat Chase aan Amelie vraagt waar haar broer Ilias zit, praat letterlijk iedereen. Amelie rekt zich iets uit om over de hoofden heen te kunnen zien en wanneer ze haar broer gevonden heeft, en wanneer haar moeder haar in de gaten krijgt, gaat ze weer in haar stoel zitten. 'Rechts achterin, naast de vrouw met die gouden oorbellen en dat blonde schapenhaar.' Chase kijkt voorzichtig op en wanneer haar moeder haar gezicht weer draait geeft Amelie een por tegen zijn rechterbovenbeen. 'Ik dacht dat hij veel groter was.' Amelie kan met moeite haar lach inhouden. Ze strijkt haar witte jurk glad, rinkelt een paar keer met haar zilveren sierraden en wiebelt haar donkere krullen een keer langs haar gezicht.
Nog snel zet ze haar hakken goed en neemt dan een grote slok van het water.